Categorie archief: fictie

Thomas Mann – De Buddenbrooks

De Buddenbrooks zijn een koopmansfamilie uit Lübeck en Thomas Mann schreef hun familiesaga over vier generaties ruim een eeuw geleden. Hij ontving er de Nobelprijs voor de Literatuur voor, want dit boek maakte indruk. Vooral ook omdat Thomas Mann pas 26 jaar oud was toen hij de roman volbracht.
Het is een prachtige weerslag van hoe het gaat in families. Over hoe broers en zussen met elkaar omgaan, hoe ouders worstelen met de opvoeding, hoe wat de omgeving ervan vindt gedrag drijft, hoe je dingen doet voor de familie. Mann weet het prachtig en hartstochtelijk te beschrijven. Zeer pijnlijk bij vlagen en soms lopen dingen dan toch weer goed af. Ik heb ervan genoten. Het enige wat ik miste was eigenlijk de inkijk in het koopmansleven zelf. Waarin werd gehandeld en met wie en waarmee de familie te kampen had. Dat blijft onderbelicht. De focus ligt op de familieverhoudingen en het persoonlijke (on)geluk van de familieleden.

Jens Christian Grøndahl – Vaak ben ik gelukkig

Hij stelt me nooit teleur, deze Deense schrijver die ik mijn favoriete schrijver noem. In deze roman is Ellinor aan het woord en ze spreekt tegen haar overleden vriendin Anna. Ze vertelt hoe haar leven verder is gelopen nadat zij plotseling is overleden door een lawine. Ellinor geeft steeds meer bloot over hoe ze haar keuzes heeft gemaakt en waar ze vandaan komt. Hoe ze zich verhield tot haar man die bij dezelfde lawine om het leven kwam. Hoe ze voor de kinderen van Anna heeft gezorgd en hoe ze met de man van Anna is gaan samenleven. Hoe ze ervoor kiest haar eigen weg te gaan, alleen verder, omdat het verleden je toch inhaalt.
Grøndahl kan zo knap weergeven hoe je gedachtengang met je aan de haal gaat. Weer vijf sterren, wat mij betreft.

Roger Martin du Gard – De verdrinking

Na het lezen van de dikke pillen over de Thibaults, was ik zeer benieuwd naar wat deze schrijver nog meer te bieden heeft. Deze novelle zag het licht pas nadat hij al ruim twintig jaar dood was. Het is een aangrijpend verhaal over een jonge legerofficier die gestationeerd wordt in een dorp en daar hopeloos verliefd wordt. Hij kan nergens anders aan denken en doet al die stomme domme dingen die je doet als je verliefd bent om maar een glimp op te vangen van diegene die je hart heeft gestolen. Zo invoelbaar en dicht op de huid geschreven en dat alweer ruim een eeuw geleden. Prachtig om te lezen.

J.M.A. Paroutaud – De ongewisse stad

In 1950 schreef Paroutaud deze novelle over een man die naar een stad vlucht. Hij ontdekt dat hij een verkeerde plek heeft gevonden voor een veilig heenkomen. De stad wordt geleid door wetten en regels die ieder moment kunnen veranderen. Niemand weet waar hij of zij aan toe is, waardoor mensen zich vreemd gaan verhouden tot “het leven”. Een onheilspellend boek. Het is fictie maar ergens is het ook voorstelbaar dat de massa zich schikt. Het boek zou zomaar actueel kunnen worden, nu het leiderschap in diverse landen van de wereld degenereert.

Tom Rachman – De opkomst en ondergang van grootmachten

Een intrigerend boek met Tooly in de hoofdrol. Rachman vervlecht drie periodes in het leven van Tooly, door hoofdstukken af te wisselen. Stukje bij beetje kom ik te weten wat er nu precies aan de hand is en hoe haar leven zich zo heeft kunnen ontwikkelen. Ze is als kind van hot naar her gesleept en heeft zich in levens van andere mensen leren nestelen. En tegelijkertijd weet ze ook autonoom te blijven en onafhankelijk van die andere mensen.
Rachman voert boeiende personages ten tonele en ook hen leer je stukje bij beetje beter kennen. Zijn stijl is toegankelijk met goede dialogen. De enige opmerking die ik heb, is dat hij vrouwelijkheid van de hoofdpersoon geen gestalte geeft, waardoor ze wat androgyn blijft. Maar dat is misschien ook zijn bedoeling. Leuk boek.

Elena Ferrante – Het verhaal van het verloren kind

het-verhaal-van-het-verloren-kindHet vierde en laatste deel over de vriendschap tussen Lena en Lila was prachtig. Wat kan die Ferrante schrijven. In korte hoofdstukken, in toegankelijk taal weet ze op weergaloze wijze de relatie tussen deze vrouwen te beschrijven en tegelijkertijd blijft deze mysterieus. In dit laatste deel krijgen ze allebei met enige weken verschil een dochter. Twee lieve mooie meisjes die graag met elkaar spelen. Maar Lila lijkt het zichzelf en een ander niet te gunnen om voorspoed te genieten. Steeds gooit ze roet in het eten.
En hoe graag ik het ook wil, het lukt me niet er een vinger achter te krijgen wat haar daartoe drijft. En dat maakt deze vierluik zo mooi. Uiteindelijk weet je het niet.

Hanya Yanagihara – Een klein leven

een-klein-levenDit boek ga ik nooit vergeten! Wat een onwaarschijnlijk ingrijpend verhaal over hoe traumatische jeugdervaringen doorwerken in het leven. Het kostte me in het begin moeite om het boek te lezen omdat het zo rauw is. Letterlijk als rauw vlees. De verschrikkelijke pijn en het jezelf pijnigen om deze pijn te verdrijven; het was me gewoon teveel. Maar ik wilde niet weglopen voor hoe het leven kan zijn, ik wilde het onder ogen zien en las door. Gelukkig want het was een indringende ervaring die ik niet had willen missen. Het klinkt misschien hard, maar ook rauw vlees went.
In de kern gaat het om de vriendschap tussen vier jonge mannen die met elkaar bevriend raken op de universiteit. Vanuit hun perspectieven geeft Yanagihara stukje bij beetje bloot dat één van hen een extreem leven leidt. Wat me intrigeerde is hoe je als naaste van iemand die lijdt uiteindelijk steeds machteloos bent. Iets in mij wil dat maar niet accepteren, maar Yanagihara is erin geslaagd daarin toch weer nieuwe perspectieven te scheppen.

Don Carpenter – Vrijdagen bij Enrico’s

carpenterVan Don Carpenter had ik nog nooit gehoord. Maar hij blijkt dus een zeer goede toegankelijke Amerikaanse schrijver te zijn. Deze roman, die na zijn dood pas het licht zag en volgens kenners zijn beste is, is ook werkelijk mooi. Het boek gaat over een aantal jonge schrijvers die in de jaren zestig en zeventig in California en Portland, Oregon wonen. Hun wegen kruizen: ze inspireren elkaar, helpen elkaar, vergeten elkaar, trouwen, scheiden, sterven.
Als ik probeer onder woorden te brengen wat goed is aan het boek, dan is het de soepele stijl in combinatie met een natuurlijke beschrijving van hoe het leven in werkelijkheid loopt. Hij weet mooi te vatten wat er in hoofden omgaat en waar het succes omslaat in tegenslag. In de subtiliteit van het leven. Hij vat het moment waarop je ineens beseft dat je niet goed bezig bent, maar zonder dat het op enig moment sentimenteel wordt. Dat is knap.

Sylvia Tennenbaum – De Wertheims

wertheimsDit boek stond al een tijdje op mijn e-reader, maar het was nog niet tot me doorgedrongen dat deze historische roman zich afspeelt in precies de buurt waar ik nu woon in Frankfurt am Main. Dat was dus een aangename verrassing, want identificatie met het verhaal is echt makkelijker als je de huizen, straten en parken waar het verhaal zich afspeelt, voor je ziet.
Het verhaal gaat over een Frankfurter familie en speelt zich af tussen 1903 en 1947. Het is een joodse familie, die al sinds honderden jaren in Frankfurt woont. Honderden jaren eerder nog in de jodenbuurt waar armoe troef was, maar inmiddels in het sjieke Westend. De voorvaders hebben een zeer goedlopend bedrijf opgebouwd, waar de hele familie van leeft.
Langzaam maar zeker begint gaandeweg de roman het besef door te dringen dat het leven voor deze Frankfurtse familie niet meer zeker is. Dat het antisemitisme zulke agressieve vormen heeft aangenomen, dat de stad en het land verlaten de zinnigste optie lijkt te zijn. Maar wie verlaat er nu zijn/haar geboortegrond? En waar gaat het antisemitisme waaraan men “gewend was” over in antisemitisme waarbij je voor je leven moet vrezen.
Ik vond het een fascinerend boek: met geschiedenislessen erin verwerkt, met de gebruikelijke familie- en gezinsperikelen en met mensen die feiten onder ogen durven zien en anderen die ervoor weglopen. Zoals het echte leven, zoals in iedere familie, ware het niet dat het natuurlijk dramatisch en tragisch afloopt.

Louis Dijkstra – Friezen in het jaar 28

friezenVerhalenderwijs vertelt Dijkstra hoe het leven van de Friezen eruit kan hebben gezien rond het jaar 28. Het leven in de kwelders, op de terpen, in de hoeven, langs het wad en in de wouden. Centraal staan enkele gezinnen die samen een terp bewonen. Dijkstra heeft veel technische kennis over het jagen en de landbouw verwerkt. De sociale verwikkelingen zijn allemaal wat horkerig geschreven, maar ook daar kun je aan wennen. Hij heeft handig het leven van een priesteres en van een internationale handelaar in het boek verwerkt. En ook een veldslag van de Germanen, waaronder de Friezen, tegen de Romeinen in het jaar 28. Zijn kennis baseert Dijkstra onder meer op Romeinse geschiedschrijvers. Een boek voor de liefhebber.